☰

Locaties

Inhoud


Locatieboom Tabeloverzicht
Locaties boom Locaties tabel

In de Locatieboom maakt u een decompositie van de locaties die u in een project gaat gebruiken. De weergave is een boomstructuur welke handig is voor het opstellen van relaties tussen verschillende locaties. Er kunnen verschillende niveaus aangebracht worden door het aanmaken van categorieën. Daarnaast worden de locaties in een tabeloverzicht weergegeven.

Voor meer informatie over het aanmaken van locaties gaat u naar het artikel Aan de slag > Project inrichten > Locaties aanmaken.

Detailoverzicht

Klik op een locatie om het detailoverzicht te openen en de gegevens van de locatie te bekijken of te bewerken. Het detailoverzicht bestaat uit een aantal tabs. De status, het ID en een aantal locatiegegevens worden erboven getoond, alsook de knoppen om een locatie te (de)activeren.

Locatiestatus Omschrijving
Concept Een locatie die nieuw aangemaakt is in de boom, krijgt automatisch de status Concept. Klik op de knop Activeren om de locatie in gebruik te nemen. Let op! Alleen een locatie met de status Concept kan verwijderd worden uit de boom.
Actief Locaties met de status Actief kunnen aan werkpakketten toegevoegd worden. Zodra een werkpakket gesynchroniseerd is kan de locatie gebruikt worden in de app. De locatiegegevens kunnen nog steeds aangepast worden. De locatie kan niet meer verwijderd worden uit de boom, maar kan wel op Inactief gezet worden.
Inactief Klik op de knop Deactiveren om de status te wijzigen naar Inactief. Een locatie met deze status wordt niet langer gesynchroniseerd met de mobiele app; de locatie wordt ‘uitgegrijsd’ weergegeven in de werkpakketten waar het aan toegevoegd is. Klik op de knop Activeren om de locatie weer in gebruik te nemen.

Het Locatie ID (PLBS) is een uniek identificatienummer dat een locatie automatisch krijgt zodra het aangemaakt is. Het wordt gebruikt om een locatie te herleiden in het webportaal en in verschillende exports. Het ID kan niet gewijzigd worden.

Algemeen

Deze tab bestaat uit verschillende invoervelden waarmee u een locatie definieert. Velden met een sterretje zijn verplicht. Elke locatie bevat de volgende standaardvelden:

Locatietype

Wanneer u een locatie aanmaakt, dan dient u een locatietype te kiezen. Afhankelijk van het geselecteerde type worden er bepaalde invoervelden getoond. Onder het kopje Locatietypes ziet u welke dit zijn.

Startdatum

Vul hier in wanneer u van start gaat met het gebruik van een locatie. De Startdatum is puur administratief en heeft geen invloed op de activatie van een locatie.

Vervaldatum

Hier kunt u invullen wanneer u stopt met het gebruiken van een locatie. Net als de Startdatum is de Vervaldatum administratief en heeft het invullen hiervan geen invloed op de deactivatie van een locatie.

Registraties

In deze tab vindt u de registraties van activiteiten die uitgevoerd zijn op de geselecteerde locatie. Selecteer een registratie en klik op Openen om de registratie te bekijken of te controleren. De registraties kunnen geëxporteerd worden naar PDF, Word en Excel. Daarnaast kan het overzicht naar Excel geëxporteerd worden door op Naar Excel exporteren te klikken.

Meldingen

Als de module Meldingen geactiveerd is voor uw Gappless omgeving, dan is de tab Meldingen zichtbaar bij elke locatie. In deze tab ziet u een overzicht van alle meldingen die gedaan zijn op een locatie.

Selecteer een melding en klik op Openen om de melding te bekijken. Als een melding opgevolgd is door een registratie, dan kunt u de registratie inzien en eventueel controleren door op de registratie te dubbelklikken. Exporteer het overzicht door op Naar Excel exporteren te klikken.


Locatietypes

Het aanmaken van een locatie in de locatieboom begint met het selecteren van een Locatietype. Welke types beschikbaar zijn hangt af van hoe ze zijn geconfigureerd in het project. Hieronder wordt per type het volgende getoond:

  1. De invoervelden in het webportaal.
  2. De (invoer)velden in de app.
Adres
Webportaal
Plaats Straatnaam Van (nummer) Tot (nummer) Extra informatie
App
Keuzelijst met adressen Nummer Nummer toevoeging Postcode Opmerkingen
Gebouw/pand
Webportaal
Naam pand Etage van Etage tot Extra informatie -
App
Keuzelijst met gebouwen/panden Etage Kamernaam Kamernummer Opmerkingen
Gemeentelijke weg
Webportaal
Plaats Straatnaam Van (nummer) Tot (nummer) Extra informatie
App
Keuzelijst met gemeentelijke wegen Nummer Kruising Opmerkingen -
Perceel/terrein
Webportaal
Perceel Verticaal (van-tot) (keuze uit A-Z en 1-100) Horizontaal (van-tot) (keuze uit A-Z en 1-100) Adresgegevens Extra informatie
App
Keuzelijst met percelen Verticaal Horizontaal Opmerkingen -

Het is op deze manier mogelijk te werken met raaien. Denk hierbij aan de ouderwetse kaart met horizontaal de vakken A t/m F en verticaal 1 t/m 5. Dit principe is hier van toepassing. In de app kan er een keuze worden gemaakt tussen A, B, C, etc. en 1, 2, 3, etc.

Rijweg
Webportaal
Wegnummer Naam Van (hmp) Tot (hmp) Richting Sectie Extra informatie
App
Keuzelijst met rijwegen Rijbaan Van Tot Sectie Opmerkingen -

Bij een rijweg kunnen secties aangemaakt worden, zoals Afrit, Oprit, Redresseerstrook en Vluchtstrook.

Spoorweg
Webportaal
Geocode Van/naar beschrijving Van Tot Extra informatie
App
Keuzelijst met spoorwegen Van Tot Opmerkingen -
Waterweg
Webportaal
Vaarwegnaam Vaarwegtype CEMT klasse Van Tot Extra informatie
App
Keuzelijst met waterwegen Van Tot Plaats Geotype Opmerkingen
GPS

Het locatietype GPS kan alleen aan- of uitgezet worden en heeft geen aparte invoervelden. Als GPS op actief is gezet in een project, dan kan er in de mobiele app een pin worden geplaatst op een GPS-kaart. Op deze manier kan de locatie waar het werk uitgevoerd wordt, vastgelegd worden in elke registratie. Wordt de registratie op een andere locatie ingevuld dan de locatie waar het werk uitgevoerd is, dan kan de app-gebruiker de pin verplaatsen naar deze laatste locatie. In het exportdocument van de registratie worden dan beide locaties getoond.